.

05. Ode aan Bouquet

 

Gezegend voel ik mij, want op het juiste moment krijg ik versterking uit onverwachtse hoek wanneer collega-ondernemer Jan Tervoort terug is in Mokum.

Deze imposante man stak al lang vóór de opbouw van de Zeedijk de handen uit de mouwen om de buurt – ‘het rattennest’ - op te knappen. Eigenzinnig ging hij met een eigen kapitaaltje en vooral een eigen visie aan de gang. Een bijzonder persoon met het hart op de juiste plaats, als een godfather. Later volgden nog veel meer zogenoemde ‘godfathers’; de Zeedijk leek overspoeld door mensen die zichzelf graag zo noemden of die titel kregen toebedeeld. Maar deze pionier verdiende de titel al ver voor de renovatie van de Zeedijk en tastte diep in zijn buidel om die droom te verwezenlijken. Na de verkoop van het Okshoofd werd de man uitbater van Holland Village, een prachtige zaak aan de Zeedijk. Dit mooie bedrijf bracht vertier en gezelligheid in het hart van Amsterdam voor velen. En na een bruisende carrière besloot hij met zijn vrouw naar Spanje te vertrekken, om samen te genieten van hun welverdiende rust.

En dan staat Jan jaren later zomaar ineens aan mijn bar op een zonnige dag. Vanuit mijn ooghoeken heb ik hem al zien aankomen. (Nou zie je die man ook niet zo snel over het hoofd). Vanwege zijn lengte moest Jan altijd bukken om door het deurtje naar binnen te komen. Zijn hartelijke lach klinkt meteen weer vertrouwd. ‘Ken je me nog?’ vraagt hij, en verwondert zich er zogenaamd over dat ik hem nog herken. ‘Natuurlijk weet ik nog wie je bent, gevaarlijke gek’, en daarmee is de vrolijke toon gezet.

Voor mij kan de timing van zijn bezoek niet beter. Ik zit niet lekker in mijn vel en ben al maanden op zoek naar een geschikte barman. Maar daar kan ik zelf vanuit mijn positie achter de bar nu eenmaal niet mee aankomen, je kunt maar weinig mensen in vertrouwen nemen. Vele gasten komen om immers zelf hun verhaal te vertellen en genieten van je aandacht, van een luisterend oor. Zwijgen hoort er vanzelfsprekend bij. Wat de gasten je ook toevertrouwen, daar praat je niet over, is beroepsgeheim. Maar als je jezelf in je pink snijdt, kan daar snel een verhaal de ronde over doen. En voor dat je het weet ben je aan het eind van de Zeedijk bijna dood.

Na mijn hart bij Jan te hebben gelucht, komt hij op een idee. ‘Organiseer je nog steeds die sing-along avonden?’ vraagt hij. ‘Zo ja, dan neem ik die avond iemand mee, maar geef me wel even de tijd’. Zo gezegd, zo gedaan. Op de derde dinsdag van de oneven maanden speelt in het Proeflokaal de geweldige band Jazz-O-Matic-Four die de zaak op zijn kop zet, en de hele tent meekrijgt uit volle borst songs als Ain't she sweet, Roll out the barrel en I'm forever blowing bubbles mee te zingen. De kelen worden met drank gesmeerd en de stemming is altijd opperbest. Ook die avond is het weer een dolle boel.

Na de pauze arriveert Jan met iemand van hetzelfde postuur als hijzelf. Hij stelt zijn gast- kandidaat voor. Deze ziet er goed uit: onder zijn blauwe jack draagt hij een spierwit overhemd, een donkerblauwe pantalon en glanzend gepoetste, zwarte schoenen. Met zijn zilvergrijze haar en karakteristieke kop zie ik de imposante verschijning al achter mijn bar staan. Al snel na de eerste kennismaking volgt het sollicitatiegesprek met deze Raymond Bouquet, een rasechte Amsterdamse kastelein,

Onze nieuwe gastheer heeft een vlotte babbel, charme, de nodige humor en kennis van zaken. Hij bepaalt al snel zelf zijn ritme, wordt door menigeen gewaardeerd en door vrouwelijk schoon aanbeden. Het gebeurt regelmatig dat dames me een mail sturen of opbellen met vleiende complimenten: ‘Waar heb je hem gevonden? Is hij misschien getrouwd? Komt zijn vrouw ook wel eens mee?’ De dames mogen dan wel reuze nieuwsgierig zijn, het privéleven van een medewerker gaat nooit over de toog, en ik houd wijselijk mijn mond. Etiquette staat bij onze gastheer hoog in het vaandel. Hij heeft goede manieren en weet ze goed op de gasten over te brengen. De glazen worden professioneel gevuld, en sierlijk uitgeserveerd, zonder drup. De dames en heren worden in de watten gelegd, velen blijven plakken tot het middernachtelijk uur in hun tweede thuis.

‘Ik heb het toch gezegd’, zegt vriend Jan Tervoort daarna lachend tegen iedereen die het wil horen: ‘Hij hoort hier gewoon, mijn gabber’. En inderdaad, als Raymond prachtige verhalen over reizen, culturen en koken vertelt, hangt menigeen aan zijn lippen. En met een beetje mazzel vertelt hij uit 'eigen boek’. Want Raymond werkte bij de marine. Daarna maakte hij een ommezwaai naar de horeca als barman, een beroep dat hem op het lijf is geschreven. Bouquet is een kastelein pur sang, een echte klasbak.1

Voor zijn 70ste verjaardag trommelden we zeventig vrienden op én de band In the Mood van buurman Maarten: We verrasten hem met een eigen drank, een nieuw recept met zijn naam Bouquet. Het drankje:is veelzijdig, geurig, grappig, een beetje stout, heel charmant. humoristisch, pittig, licht belegen is gemaakt voor boeren, burgers en buitenlui.

Lang leve de Etiquette, lang leve Bouquet Hij heeft zijn sporen verdiend. Het heeft zo mogen zijn, het was een fantastische tijd.

 

05. Uit: Hartje Mokum, Riny Reiken, met dank aan Ray voor alle lekkere maaltijden.

* Geschiedenis drankje.  Bouquet - Bessen likorette gaat over Etiquette

De namen in dit verhaal zijn authentiek.

* Tip: Zie bij kopje Geschiedenis de afscheidsfilm van In de Olofspoort,

  gemaakt door dochter Joanne (met dank) van Jan Tervoort