e

08. De zeeman en zijn liefje

 

Wispelturig, vol verwachting zit een zeeman op de barkruk heen en weer te draaien. Ik heb hem al vaker aan de bar gezien; hij heeft mij eerder in vol vertrouwen over zijn nieuwe ‘aanwinst’ verteld. Nu zit hij met zijn hoofd in de wolken, want zijn liefje zal straks langskomen. Als ik hoor dat ze Truus heet, denk ik: het zal toch niet waar zijn…Immers, iets verderop in het Wallengebied werkt een  animeerdame met dezelfde naam. Mijn voorgevoel blijkt juist, als zij met veel bombarie en uiterlijk vertoon binnenkomt om haar geliefde op te zoeken, buiten het zicht van haar werkomgeving. Dit is niet de eerste keer dat een man zijn zinnen aan haar verliest, de vrouw in kwestie is een echte hartenbreekster.

Maar dit zijn niet mijn zaken, en wie ben ik om dit pril geluk te verstoren? De zeeman is duidelijk tot over zijn oren verliefd en zijn hormonen beginnen op te spelen zodra hij haar ziet. Truus lijkt wel een aardige meid, die als geen ander de mannen om haar vinger weet te winden, is me al talloze malen opgevallen. Om daarna een poosje weg te blijven zodat niemand opmerkingen over haar kan maken. En mocht dat toch gebeuren, kan je de kous op de kop van haar krijgen. Er gebeurt heel wat als zij binnen is, dat is zeker: als zij moppen begint te tappen, buldert de hele zaak al gauw mee van het lachen.

Truus’ natuur is opgewekt en vrolijk, ze heeft glanzend mooi pikzwart haar en grote blauwe kijkers. Een opvallende, knappe verschijning, die ook nog eens rijkelijk bedeeld is met een uitdagende, grote boezem waar ze graag mee showt. Menige gast valt op haar uiterlijk, en tuint gemakkelijk in haar praatjes, zo ook de zeeman dit keer. Terwijl de gasten meegenieten van Truus’ onvergetelijke show, roept de zeeman: 'doe er nog één voor iedereen!' En ik tap een nieuwe ronde.

De prachtige cadeaus die hij heeft voor zijn liefje, overhandigt hij pontificaal aan haar aan de bar, en iedereen is getuige van zijn goede bedoelingen. De gasten smullen. Overdreven klinkt de stem van Truus: 'Wat mooi, oh schatje, je moet me niet zo verwennen hoor, dat ben ik niet gewend. Ik zal nooit de hoer uithangen, lieverd van me', terwijl ze met haar vingers met lange, rode nagels speels door zijn grijze baard strijkt.

Een groepje mannen speelt het spelletje mee, ligt in een deuk. 'Jongens, is hij niet mooi en stoer! En niet alleen van buiten, dat zag ik al meteen, hij is zo anders, zo anders is ie '. Gevleid trekt de zeeman voor de zoveelste maal aan de bel en iedereen viert mee: 'Zij hebben er nog één tegoed, en ik nog twee!’ De Amsterdamse komedie is er niets bij.

Terwijl het feestje al aardig op gang is, imponeert de zeeman zijn liefje met een intens liefdesgebaar. De ruwe bolster met blanke pit, neemt een kordaat besluit : 'voor jou zet ik meteen een tattoo'. Het enthousiasme van Truus is niet meer te temmen, de zeeman rekent af. En daar gaan ze, op weg naar de Tattoo Shop in het steegje.

Vanaf een afstandje achter de bar, zie ik de bui al hangen. Het zal mij benieuwen wat het zal worden, en houd mijn hart vast. Die avond zie ik het stel niet meer terug.

De volgende dag zit de zeeman apetrots aan de bar met op zijn bovenarm een stukje plastic op zijn nieuwe tattoo opgewonden te wachten op zijn grote liefde. 'En’, vraag ik, wat is het geworden?’ 'Meteen toont hij de tatoeage op zijn bovenarm van ‘zijn’ Truus mét glanzend haar, gouden oorhangers, blauwe ogen en haar rijkelijk gevulde borsten, inclusief haar naam. Trots als een pauw drinkt de zeeman zijn biertje. En er wordt opnieuw geklonken en gedronken. Ook de vaste gasten komen een kijkje nemen, genieten volop mee. Het feest gaat door tot in de kleine uurtjes...                 

Het geluk blijkt van korte duur. Enkele weken later zit een zeeman zich aan de kop van de bar te bezatten. Aangeslagen en ontroostbaar zit hij in de richting van de Warmoesstraat een oogje in het zeil te houden. Woest is hij, in alle staten, want Truus is opnieuw verliefd, nu alweer op een ander. De liefde is over. Punt uit. De frustratie en zijn ego zitten hem danig in de weg. 'Als ik die gozer tegenkom, is ie voor mij, ik sla hem helemaal tot moes'.

Aangezien de zeeman 'los’ is, helemaal blut vanwege zijn griffe, overmoedige traktaties, worden de rollen omgedraaid: de rondjes komen nu van de vaste gasten en ik doe er een schepje bovenop. Wat er zich ook afspeelt, er hoort steeds een nieuw rondje bij, de gasten blijven, de kelen worden gesmeerd.

De ongelukkige situatie is het gesprek van de avond. Vindt de één het grappig, en de ander het diep triest, toch ben je in een goed café nooit alleen en kun je vaak uit onverwachtse hoek de nodige bijstand krijgen in een goed tafelgesprek. Zo hebben we allen echt te doen met de man die zich nu erg ongemakkelijk voelt met zijn grote tatoeage. Al pratend komen we als toeschouwers op een lumineus idee.

Terwijl een vaste klant, een oud gediende van het politiebureau Warmoesstraat, de zeeman even meeneemt naar buiten, smeden wij samen in het café een plannetje: nog diezelfde avond lossen we samen het probleem voor de zeeman op. Voor de tatoeage bedenken we een 'passende' oplossing. Over de tattoo zal een nieuwe geplaatst worden en het gezegde 'een schrale troost' brengt ons op het idee om van de naam ‘Truus’ het woord ‘Troost’ te maken.

Zo gezegd, zo gedaan. En even met de pet rond voor de nodige donaties. De Tattoo Shop werkt gelukkig mee. Nadat de nieuwe tatoeage is gezet, wordt het pas echt feest in het café. Het zeemansverdriet is van korte duur. Opgelucht drinkt hij een rum grog naast zijn biertje voor de nodige versterking. Iedereen blij. Van je vrienden moet je het maar hebben. Uit de kelen klonken zeemansliederen.

En zo kon de zeeman met een gerust hart Amsterdam achter zich laten om zich troostvol in een nieuw avontuur te storten.

 

 

08. Uit: Hartje Mokum, Riny Reiken

* Geschiedenis drankje / Sailor - Kruiden likorette gaat over Liefdesverdriet

De namen in dit verhaal zijn authentiek.